Bunzing in de tuin: herkennen, holen en wat u kunt doen

jun 26, 2026 | Dieren, Tuin

Een bunzing in de tuin komt minder vaak voor dan bijvoorbeeld een egel of steenmarter, maar het gebeurt zeker. Dit roofdier is vooral actief in de schemering en tijdens de nacht en laat zich overdag zelden zien. Toch kan een bunzing regelmatig uw tuin bezoeken op zoek naar voedsel of een veilige schuilplaats.

In dit artikel leest u hoe u een bunzing in de tuin kunt herkennen, of een bunzing een hol graaft en wat u kunt doen wanneer het dier regelmatig terugkomt.

Bunzing in de tuin herkennen

De bunzing is een klein roofdier uit de marterfamilie en heeft een opvallend uiterlijk.

U kunt een bunzing herkennen aan:

  • een donkerbruine vacht;
  • een lichte, bijna witte gezichtsmasker;
  • korte poten en een langgerekt lichaam;
  • een lange, pluizige staart;
  • een lichaamslengte van ongeveer 30 tot 45 centimeter.

Daarnaast verspreidt een bunzing bij gevaar een sterke, muskusachtige geur. Hierdoor wordt hij soms verward met een stinkdier, hoewel deze diersoorten niet aan elkaar verwant zijn.

Bunzinghol in de tuin

Een bunzing graaft meestal geen eigen hol.

In plaats daarvan gebruikt het dier bestaande schuilplaatsen, zoals:

  • verlaten konijnenholen;
  • oude vossenholen;
  • ruimtes onder schuurtjes of veranda’s;
  • dichte begroeiing;
  • houtstapels;
  • holle boomstammen.

Wanneer u een gat in de grond ziet, is de kans daarom groter dat het oorspronkelijk door een ander dier is gegraven. Net als Bunzings graven marters zelf ook geen hol, ook deze gebruiken een hol van andere dieren Lees hier meer over marterhol herkennen.

Waarom komt een bunzing in uw tuin?

Een bunzing bezoekt een tuin meestal omdat er voedsel of een geschikte schuilplaats aanwezig is.

Zo jaagt hij onder andere op:

  • muizen;
  • ratten;
  • konijnen;
  • kikkers;
  • vogels;
  • eieren.

Een tuin met veel begroeiing, water of een grote hoeveelheid knaagdieren kan daardoor aantrekkelijk zijn voor een bunzing.

Wat doen bij een bunzing in de tuin?

In de meeste gevallen hoeft u niets te doen. Bunzingen zijn schuwe dieren die mensen zoveel mogelijk vermijden en meestal vanzelf weer vertrekken.

Wilt u de kans verkleinen dat een bunzing terugkomt? Dan kunt u:

  • voedselbronnen voor knaagdieren beperken;
  • houtstapels en rommel opruimen;
  • open ruimtes onder schuren en veranda’s afsluiten;
  • gaten en kieren rondom gebouwen dichten;
  • uw tuin overzichtelijk houden.

Hierdoor worden zowel schuilplaatsen als prooidieren minder aantrekkelijk.

Mag u een bunzing verjagen?

De bunzing is in Nederland een beschermde diersoort. Het is daarom niet toegestaan om een bunzing te doden, te vangen of opzettelijk te verstoren.

Wanneer een bunzing voor overlast zorgt, is het verstandig om eerst te onderzoeken waarom het dier uw tuin bezoekt. Door voedselbronnen en schuilplaatsen weg te nemen, verdwijnt de bunzing vaak vanzelf.

Bij aanhoudende overlast kan een professionele ongediertebestrijder of een gespecialiseerd adviesbureau beoordelen welke maatregelen zijn toegestaan.

Een bunzing is meestal slechts op bezoek

Een bunzing in de tuin is meestal geen reden tot paniek. Het dier is schuw, graaft doorgaans geen eigen hol en gebruikt bestaande schuilplaatsen of verlaten holen van andere dieren.

Door uw tuin minder aantrekkelijk te maken voor zowel bunzingen als hun prooidieren, verkleint u de kans dat het dier terugkomt. Blijft de overlast aanhouden, schakel dan een specialist in voor passend advies binnen de geldende wet- en regelgeving.